Vía Verde del Aceite: freewheelen door de vrije natuur

Vía Verde del Aceite: freewheelen door de vrije natuur

Voor wie van fietsen houdt maar niet van druk verkeer is de Andalusische Vía Verde del Aceite ideaal: deze oude spoorlijn werd omgetoverd tot een relaxed fietspad dat je door zonnige olijfgaarden en charmante dorpjes voert.

Olijfbomen zover het oog reikt

Halverwege de fietstocht over de olijfolieroute rijst onvermijdelijk de vraag hoeveel olijfbomen deze streek wel niet telt. Dat moeten er miljoenen zijn. Nergens ter wereld vind je er zoveel bij elkaar als in deze twee buurprovincies Córdoba en Jaén, in het zuiden van Spanje. We zien ze zover het oog reikt: tweehonderd jaar oude, dikke exemplaren die grillig gevormd zijn door de wind naast ‘jonge’ bomen van zo’n veertig jaar oud. Samen leveren ze voor kenners de beste olijfolie ter wereld, vooral de olijfolie uit Baena is beroemd.

In het vroege voorjaar is het plukseizoen nog ver weg, de bomen staan in ruststand. Een zoel windje voert de zoete geur van wilde bloemen en kruiden mee die hier overdadig bloeien. De stilte wordt alleen af en toe onderbroken door de schrille kreet van een slechtvalk of alsmaar hoger cirkelende gier. Je gaat als vanzelf langzamer fietsen om intenser te kunnen genieten.

Comfortabel vlak fietsen

Overal in Spanje zijn oude spoortrajecten omgebouwd tot autovrije wandel­ en fietspaden. Deze Vías Verdes, groene wegen, breiden zich elk jaar uit. Een van de mooiste en langste routes is die van de voormalige olijfoliespoorlijn door het hart van de Spaanse olijfgaarden tussen de steden Jaén en Lucena, in het zuidelijke Andalusië. Met in totaal 120 kilometer lengte is dat een ideale afstand voor een meerdaagse (fiets)tocht.

Aan liefhebbers voor flinke klimpartijen is deze route niet besteed; hij is comfortabel vlak. Voor het spoortraject zijn destijds speciaal tunnels en viaducten aangelegd zodat het stijgings­ en dalingspercentage nooit boven de drie procent uitkomt. Als je vanuit Jaén start, fiets je sowieso meer bergaf­ dan bergopwaarts.

Stationsgebouwen

De paden zijn ruim aangelegd en goed onderhouden. Onderweg kom je diverse picknickplekken tegen. Tussendoor afstappen om de routebeschrijving te checken is niet nodig; het is een kwestie van rechtdoor fietsen tot je bij het volgende stationnetje aankomt. Zo heb je alle aandacht voor de omgeving.

Op sommige punten staan er bordjes met de mogelijkheid een extra lus te maken. Naar een Moors kasteel, hooggelegen kerk of een speciale plek om adelaars te spotten. Nog een voordeel is dat de route dwars door natuurpark Sierras Subbéticas en een vogelreservaat voert, maar ook langs authentieke dorpen en stadjes waar je een terrasje kunt pakken en eventueel kunt overnachten. De in totaal zestien stationsgebouwen zijn verbouwd tot restaurant, hotel, museum of bezoekerscentrum.

Groene wegen

De Vía Verde del Aceite in Andalusië volgt het spoor van de voormalige Tren del Aceite (de Olietrein). Dit spoor werd in 1893 geopend en speelde een belangrijke rol in het transport van olijfolie naar de haven van Málaga. Met de opkomst van wegtransport verloor de lijn aan belang en midden jaren 80 werd hij gesloten. In 2001 werd het traject verbouwd tot fiets- en wandelroute, de lengte is 128 kilometer.

Nog meer routes

In Spanje zijn nog 139 andere Vías Verdes met een totale lengte van 3500 kilometer waaraan 125 verbouwde stations liggen. Het netwerk breidt zich nog steeds uit. Gemotoriseerd verkeer is hier verboden. Wil je meer weten? Kijk dan op viasverdes.com

Met dank aan spain.info en turismodelasubbetica.es

TEKST MARGRIET DE GROOT | FOTOGRAFIE TRUI HEINHUIS