Maak een houten graafmachine voor in de zandbak
Met deze houten graafmachine vervaardig je zelf een stoer stuk speelgoed. Bouw in negentien stappen een robuust apparaat waar uren mee gespeeld zal worden. Een uitdagend project voor wie iets bijzonders wil maken voor de (klein)kinderen.
Werktekeningen houten graafmachine
Klik op de afbeeldingen om de pdf’s van de tekening te openen en te downloaden.

Werktekening 1 van 3.

Werktekening 2 van 3

Werktekening 3 van 3.
Dit heb je nodig:
berkenmultiplex 18 mm en 5,5 mm
draadeind M20, lengte 32 cm
deuvelstokken of losse deuvels 8 mm
4 x ringen M20 groot
3 x moeren M20
4 x slotbout M6 lengte 6,5 cm
1 x slotbout M6 lengte 9,5 cm
5 x dopmoer M6
9 x ringen M6
schroeven
witte houtlijm
lak en/of verf + benodigdheden
Onderdelen:
Onderstel, bestaande uit:
1 x A, bodemplaat groot
1 x B, bodemplaat klein
Cabine met draaiconstructie, bestaande uit:
2 x C, cabine zijkant met raam
- 1 x D, cabine achterkant
- 1 x E, cabine dak
2 x F, cabine voorkant: paneel boven- en onderzijde
2 x G, wanden draaiconstructie
- 2 x H, tussenlatten draaiconstructie
Graafarm met bedieningshendels en graafbak, bestaande uit:
2 x I, vaste giek
1 x J, giek lang
1 x K, giek kort
2 x L, arm
2 x M, houten tussenringen
1 x N, verstevigingsstuk lange giek
2 x O, zijkant bak
1 x P, bovenkant bak
1 x Q, onderkant bak (5,5 mm multiplex)
1 x R, achterkant bak (5,5 mm multiplex)
1 x S, bevestigingsstuk arm
2 x T, bedieningshendel
Zo ga je te werk:
Zaag alle onderdelen uit, rond de hoeken af, werk randen glad af met schuurpapier en boor in onderdelen van de graafarm de verbindingsgaten voor de deuvels (8 mm) en bouten (M6) voor. Boor in de ene bedieningshendel (T) de verbindingsgaten t1 en t2 voor deuvels en in de andere hendel t1 en t3 voor bouten.
Stap 1
Rond de handvatten van de bedieningshendels T af. Â
Stap 2
Zaag in de wanden van de draaiconstructie G een uitsparing ter grootte van een ring en moer M20.
Stap 3
Zaag de ramen uit in de zijkanten van de cabine C. Boor er deuvelgaten in voor de bevestiging van de achterkant D en boven- en onderpaneel van de voorkant F van de cabine.
Stap 4
Boor door de 2 tussenlatten van de draaiconstructie H vier gaten voor de deuvels en zet deze gaten met behulp van markeerpennen over op een wand van de draaiconstructie G. Zorg er hierbij voor dat het draadeind precies tussen de tussenlatten past. Boor de acht deuvelgaten in de ene wand en bevestig de tussenlatten met de deuvels. Lijm nog niets, maar zet de tussenlatten tijdelijk vast met vier hulpschroefjes. Haal de acht deuvels eruit en druk de markeerpennen in de gaten.
Stap 5
Maak van afvalhout een soort aanslag om de twee wanden van de draaiconstructie exact recht op elkaar te kunnen drukken, zodat de markeerpennen een afdruk van de exacte positie van de acht gaten van de ene op de andere wand kunnen overbrengen.
Stap 6
Boor vervolgens de acht deuvelgaten op de gemarkeerde positie in de andere wand van de draaiconstructie. Controleer of alles past, maak de deuvels op lengte en lijm de draaiconstructie zonder draadeind in elkaar.
Stap 7
Teken op de wanden van de draaiconstructie af waar aan beide zijden de vaste giek I komt. De beide delen van de vaste giek worden schuin, ongeveer in een hoek van 73 graden, van beneden (achter) naar boven (voor) op twee punten met deuvels aan de draaiconstructie bevestigd.
Stap 8
Boor de deuvelgaten door de draaiconstructie heen, maak de deuvels op lengte en kijk of alles past. Verwijder vervolgens de deuvels weer en haal de beide delen van de vaste giek weer los.
Boor vervolgens in de twee kopse kanten van de achterzijde van de draaiconstructie in totaal acht deuvelgaten. Neem deze gaten met markeerpennen over op de binnenzijde van de achterkant van de cabine D. Boor ook deze deuvelgaten.
Stap 9
Boor de deuvelgaten voor de verbinding tussen de zijkanten C met de achterkant D en de voorpanelen F van de cabine. Maak ook de deuvelverbinding tussen de voorzijde van de draaiconstructie en het boven- en onderpaneel F aan de voorkant van de cabine.
Stap 10
Zet de cabine zonder draaiconstructie in elkaar met gebruik van enkele deuvels en boor de deuvelgaten voor de verbinding met het dak E.
Stap 11
Breng met markeerpennen de positie van de gaten over op het dak E en boor ook deze.
Haal de onderdelen van de cabine weer uit elkaar en schuur alle delen van cabine en draaiconstructie goed.
Stap 12
Lijm vervolgens de draaiconstructie aan de achterkant van de cabine D. Lijm daarna de twee delen van de vaste giek I en de twee panelen van de voorkant van de cabine F aan de draaiconstructie. Lijm de twee zijkanten van de cabine C op hun plaats. Schuur de cabine nog even goed op.
Stap 13
Boor in de kleine bodemplaat B een gat van 20 mm: de dikte van het draadeind. Las een moer aan het draadeind, eventueel lijmen kan ook. Schuif het draadeind met moer, samen met een ring, in de draaiconstructie zodat deze in de uitsparing in de bovenzijde van de draaiconstructie valt.
Stap 14
Draai vervolgens aan de onderzijde van de draaiconstructie een ring, een moer, een ring, de kleine bodemplaat B, een ring en tot slot een moer op het draadeind. Nu kan het draadeind exact op maat gemaakt worden. Haal de moeren, ringen en kleine bodemplaat aan de onderzijde van de draaiconstructie weer los en vet het draadeind licht in. Schuif het terug in de schacht en bevestig het dak met deuvels en lijm op de cabine.
Zet aan de onderzijde van de draaiconstructie een ring om het draadeind en draai er een moer op. Draai deze moer net niet vast, zodat de constructie blijvend kan draaien. Leg er vervolgens nog een ring op. Zet de cabine op z’n dak en leg de kleine bodemplaat op z’n plaats, met daarop de ring en de laatste moer. Draai deze moer wel flink vast.
Stap 15
Boor in het hart van de grote bodemplaat A een gat ter grootte van de ring met moer aan de onderzijde van de draaiconstructie. Boor vervolgens van onderaf gaten rond het gat in de grote bodemplaat voor de schroeven om de kleine bodemplaat mee vast te zetten. Lijm en schroef vervolgens de grote bodemplaat aan de kleine bodemplaat.
Zet de machine rechtop en kijk of de cabine goed en soepel draait op het onderstel. Als dat goed werkt, las of lijm dan de onderste moer vast op het draadeind.
Stap 16
Bevestig de 18 mm-multiplex zijkanten van de bak O met deuvels en lijm aan de 18 mm bovenkant P). Lijm en spijker vervolgens de 5,5 mm multiplex onderkant Q en achterkant R aan de bak. Zet het bevestigingsstuk S vast tussen de twee delen van de arm L met een slotbout en dopmoer. Boor vervolgens vier deuvelgaten in de onderkant van de arm, zet deze gaten met markeerpennen over op de bovenkant van de bak en boor ze.
Stap 17
Bevestig en lijm de armconstructie aan de bak. Monteer verstevigingsstuk N met drie deuvels, waarvan de middelste langer moet zijn, tijdelijk aan de lange giek J. Kijk op de werktekening om te zien hoe u dit doet. Monteer tijdelijk de korte giek K bovenaan en de lange giek J eronder aan de arm L. Dit doet u met behulp van de slotbouten en dopmoeren. Bevestig de lange giek J samen met de ene hendel en een houten tussenring M tijdelijk met een slotbout tussen de twee delen van de vaste giek I. Bevestig aan dezelfde hendel tijdelijk de korte giek K samen met een houten tussenring M met een slotbout door t3.
Stap 18
Plaats de andere hendel tijdelijk met t1 op de middelste langere deuvel van het verstevigingsstuk N en zorg er vervolgens voor dat de beide bedieningshendels parallel aan elkaar staan. Teken nu op verstevigingsstuk N precies af waar het gat moet komen om de hendel met een deuvel in t2 vast te zetten en boor dit laatste deuvelgat.
Stap 19
Lak of schilder de hele graafarm-constructie en zet deze vervolgens definitief in elkaar.
Gebruik bij de twee slotbouten in de arm L ook ringen tussen de houten delen onderling. Gebruik bij de montage van de dopmoeren lijm om deze te fixeren.
Werk de graafmachine tenslotte af naar eigen inzicht en zet de complete machine goed in de lak of verf.
Stappenplan
Dit stappenplan met meer detailfoto’s staat in Landleven augustus. Bestel deze editie of lees digitaal via MijnMagazines.nl.
- Maak ook een miniatuur paardenstal. Bekijk de werktekeningen