Veilig met de motorzaag
Werken met een kettingzaag brengt serieuze risico’s met zich mee. Wie veilig wil werken beschermt zichzelf, leert de juiste techniek en is zuinig op zijn zaag. Peter Bongen, instructeur aan IPC Groene Ruimte in Schaarsbergen, geeft daarvoor tips.
|
Persoonlijke beschermingsmiddelen zijn een vereiste voor het werken met de motorzaag. Uw gehoor, ogen, gezicht, hoofd, handen, benen en voeten zijn immers enorm kwetsbaar voor het brullende en vernietigende werk van deze machine. Veilig werken begint daarom met de aanschaf van de juiste beschermingsmiddelen. Daarna komt de zaag zelf aan de beurt. Een in goede staat verkerende machine gaat namelijk langer mee, geeft een grote bedrijfszekerheid en is veiliger.
Om een machine in goede staat te houden is regelmatig ‘klein’ en periodiek ‘groot’ onderhoud nodig. Een grote beurt is in de meeste gevallen iets om jaarlijks een vakman te laten doen, het kleine regelmatige onderhoud kunt u zelf uitvoeren. Dat betreft het schoonmaken, deels demonteren, controleren en weer bedrijfsklaar maken van de kettingzaag. De kleine beurt bestaat uit de volgende punten.
• demonteer de ketting en de geleider, maak de kettinggeleidergroef en de olietoevoergaatjes schoon;
• controleer of de dieptestellers van de ketting nog op de juiste hoogte zijn en vijl zo nodig bij;
• controleer of de ketting nog scherp is en vijl zo nodig bij;
• reinig de kap en de aansluiting op de machine;
• controleer het luchtfilter en reinig het indien nodig;
• monteer de kettinggeleider en de ketting weer, echter ‘ondersteboven’, in verband met gelijkmatige slijtage;
• controleer de kettingspanning: de ketting mag niet ‘doorhangen’, maar moet wel gemakkelijk met de hand rond te draaien zijn;
• start de motor en laat hem proefdraaien, waarbij u de kettingsmering controleert: bij vol gas werpt de ketting druppeltjes olie voor zich uit;
• test de kettingrem: ook bij vol gas moet de ketting onmiddellijk stilstaan;
• stel de carburateur af: bij stationair draaien mag de ketting niet meedraaien;
• controleer opnieuw de kettingspanning, in verband met mogelijk verloop tijdens het proefdraaien.

De beitels van de zaagketting hebben meerdere functies. Ze moeten indringen, snijden, lossen en ruimen. De zaagprestatie hangt direct samen met de scherpte en de snijhoek van de beitels. Het slijpen van een zaagketting gaat het beste handmatig, de diameter van de vijl moet kloppen bij het type ketting. Als vuistregel geldt dat de vijl een vijfde tot een tiende van de diameter boven de beitel uit moet komen. Er zijn verschillende hulpmiddelen om op de juiste diepte en onder de juiste hoek te vijlen.
Brandstof en olie
Een motorzaag loopt op mengsmering, een mengsel van benzine en olie. U kunt zelf mengen, maar beter is een kant-en-klare alkylaatbenzine. Deze brandstof is te koop onder de merknamen Aspen en Stihl-Motomix. Behalve dat dit type brandstof handiger en beter voor het milieu is, ontmengt het niet, wat stukken beter voor de motor is, zeker als deze onregelmatig wordt gebruikt. Mengt u de brandstof zelf, raadpleeg dan altijd het instructieboek of de leverancier over de juiste mengverhouding. Bewaar de zelf gemengde brandstof niet langer dan drie maanden.
Gebruik altijd echte kettingolie voor het smeren van de zaagketting. Andere olie is zondermeer slecht voor de machine, met name voor ketting en kettinggeleider. Alleen speciale kettingolie heeft de juiste viscositeit (plakkerigheid) en zal de ketting over de volle lengte smeren. Ook bij deze olie is er de keus uit milieuvriendelijk of traditioneel. Een milieuvriendelijke olie is Bioplus.
Gebruik voor het vullen van de benzinetank bij voorkeur een jerrycan met vultuit. Dit voorkomt morsen en daardoor het vervuilen van de machine en de bodem. Bij hervullen voorkomt de tuit tevens het per ongeluk morsen van brandstof op de hete uitlaat en daarmee brandgevaar.

Vasthouden
Een van de belangrijkste aandachtspunten op het gebied van veiligheid is het consequent toepassen van de juiste vel- en zaagtechnieken. ‘Van papier’ is dat bijna niet te leren. Daarom is het aan te raden om een cursus te volgen in het werken met de kettingzaag.
De kettingzaag is gebouwd om met twee handen te bedienen. Daarbij houdt de linkerhand de draagbeugel vast en de rechter de handgreep met de gashendel. Alleen op deze manier kunt u veilig met de machine werken. Door de pols van de linkerhand naar voren te draaien stelt u de kettingrem - middels de beugel van de handbescherming - in werking. Doe dat tijdens het werk telkens wanneer u even niet zaagt.
Door tijdens het werk de zaag dicht bij het lichaam te houden voorkomt u overmatig belasten van de rug. Ook is het op deze manier makkelijker om de machine onder controle te houden. Zak - indien nodig - door de knieën om het buigen van de rug te beperken en zaag bij voorkeur op of onder heuphoogte en niet boven schouderhoogte. U kunt zowel met de onderzijde (‘trekkend’) als met de bovenzijde (‘duwend’) van het zaagblad zagen. Zaag echter nooit met de punt, dat is vragen om een zogenaamde ‘kick-back’. Bij een kick-back slaat de machine met grote kracht in de richting van de gebruiker.

Kleine bomen
Struiken en kleine bomen (tot 10 centimeter doorsnede) kunt u door middel van een enkele schuine zaagsnede vellen. Het stammetje zal rechtstandig langs de snede naar beneden glijden - denk om de voeten - en daarna kunt u het boompje handmatig onderuit trekken. Een andere methode is het maken van twee tegenover elkaar liggende zaagsnedes met een onderling hoogteverschil van 3 tot 5 centimeter. De laagste snede dient te worden gemaakt aan de kant waarheen de stam uiteindelijk moet vallen. Als het goed is blijft de boom staan tot u hem met de hand omduwt of omtrekt. Zorg er tijdens het werk steeds voor dat er voldoende ruimte is om goed en veilig te bewegen en weg te kunnen lopen als er iets mis gaat.
Dikke bomen
Voor het vellen van dikkere stammen dient u de directe omgeving van de boom eerst vrij te maken van opslag en takken. Dan bepaalt u de valrichting door onder andere te kijken naar de vorm van de boom en de mogelijkheden van het terrein.
Nu kunt u de valkerf zagen, zuiver haaks op de gekozen valrichting. Een valkerf is wigvormig en heeft een horizontale valkerfzool en een schuin valkerfdak. Belangrijk is dat de valkerf niet te diep wordt gemaakt, maximaal een vijfde tot een vierde van de boomdiameter. Een goed gemaakte valkerf verkleint de kans dat de boom tijdens het vellen openscheurt. Maak nu twee spintsnedes. Dit zijn ondiepe snedes aan weerskanten van de stam en qua hoogte ongeveer halverwege de valkerf. Ook de spintsnedes gaan het inscheuren van de stam tegen.
De velsnede tenslotte zal de boom uiteindelijk laten vallen. Deze dient precies tegenover de valkerf te worden gemaakt, op gelijke hoogte met de spintsnedes. Zaag de velsnede niet te ver door. Let erop dat er nog enkele centimeters (minimaal tien procent van de diameter) hout over blijven ten opzichte van de – iets lager gelegen – valkerf. Dit stukje niet doorgezaagde stam heet ‘breuklijst’, werkt bij het vallen als scharnier en dwingt de boom in de gewenste richting te vallen.
Is het zagen voltooid en staat de boom nog overeind, breng deze dan met de hand of met behulp van een wig of velhevel tot vallen. Ga niet opnieuw zagen, daarmee wordt de breuklijst vernield en verandert de vallende boom in een ongeleid projectiel.
Zet, zodra de boom gaat vallen, de ketting op de rem en loop enkele passen schuin achteruit. Mocht het stameinde opwippen of openbarsten, dan wordt u in ieder geval niet geraakt. Blijf tijdens het achteruitlopen naar de vallende boom kijken. Wees voorbereid op omlaag komende stukken (dood) hout.

Kettingspanning
Tijdens het zagen kan de kettingspanning teruglopen, met name door het warm worden van de ketting. Hierdoor gaat de ketting aan de onderzijde van de kettinggeleider doorhangen, wat een snellere slijtage tot gevolg heeft en daarmee de kans op kettingbreuk. Controleer de kettingspanning dus zo nu en dan en stel deze – indien nodig – bij. De spanning is goed als de ketting makkelijk met de hand is rond te draaien, maar niet ‘doorhangt’.
Het lijkt wellicht tegenstrijdig, maar het werkt veiliger met een scherpe ketting dan met een botte. Een scherpe ketting ‘vreet’ zich sneller in het hout om daar doelgericht zijn werk te doen, een botte ketting maakt het werk vervelend en traag waardoor concentratieverlies ontstaat. Het advies is dan ook om bij iedere keer tanken even met de vijl langs alle schakels te gaan. Een paar streken is voldoende om de zaag in topconditie te houden.
Houd afstand
Werken met een kettingzaag spreekt tot de verbeelding, zeker het vellen van bomen. Het kraken van het hout, de doffe dreun waarmee de stam ter aarde stort. Binnen de kortste keren kan uw rustige werkplek in een ontmoetingsplek voor de buurt zijn veranderd. Houd kijkers vriendelijk doch resoluut op afstand. Bij uitsnoeien en inkorten is dat minimaal vijf meter rond de werkplek en bij vellen minimaal anderhalf maal de lengte van de te vellen boom. Benoem eventueel een van de omstanders tot ‘publiekswacht’, leg hem of haar kort uit wat de gevaren zijn en laat deze persoon de andere kijkers op afstand houden.
Bij enige twijfel
Werken met de kettingzaag is een vak waarbij je nooit raakt uitgeleerd. Zelfs de meest doorgewinterde professional wordt nog wel eens verrast. In het hout zijn soms moeilijk in te schatten spanningen aanwezig, bijvoorbeeld wanneer een stam van binnen verrot is, of wanneer een boom door een storm is omgewaaid of in een andere hangt. Begin alleen met zagen als u het gevoel hebt de klus volledig te doorgronden en weet wat u kunt verwachten. Is dat niet zo, begin er dan niet aan en roep de hulp in van een professional. Deze vindt dat eerder verstandig dan ‘dom’ van u.
Tips en gereedschap
Gehoorbescherming
Het geluidsniveau van de meeste kettingzagen ligt boven de 100 decibel en is beslist schadelijk voor uw gehoor. Om de oren hiertegen te beschermen bestaan er oordoppen en oorplastics.
Gelaatsbeschermer
Voor de bescherming van de ogen en het gezicht tegen met name rondvliegend zaagsel zijn er de veiligheidsbril en de gelaatsbeschermer. Net als bij de oren is het vooral een kwestie van persoonlijke voorkeur welke optie gekozen wordt.
Helm
Zodra u tussen bomen werkt bestaat er een reële kans dat er dood hout naar beneden valt. Vooral bij het vellen van middelzwaar en zwaar hout kan dit ernstig of zelfs dodelijk letsel veroorzaken. Daarom is het verstandig altijd een goede veiligheidshelm te dragen, ook al lijkt dat wellicht overdreven. Een bijkomend voordeel is dat een helm, bedoeld voor werken met de kettingzaag, vaak al is voorzien van oordoppen en gelaatsbescherming. Zo vangt u drie vliegen in één klap.
Handschoenen
Goede werkhandschoenen zijn soepel en bieden bescherming tegen scherpe takken en doorns en in mindere mate tegen de trillingen van de machine. Ook houden ze de handen langer warm, wat bij koud weer prettig is en de veiligheid ten goede komt.
Zaagbroek
Zaagbroeken zijn gemaakt om de benen tegen een draaiende ketting te beschermen. Tijdens het werk komt de zaag immers regelmatig dicht in de buurt van uw benen. De voering bestaat uit bijzonder taai vezelmateriaal. Raakt de draaiende ketting de broek, dan loopt de zaag onmiddellijk vast.
Zaagschoenen
De voeten zijn optimaal beschermd met speciale zaagschoenen of -laarzen. Deze hebben, aansluitend aan de stalen neuzen, een strook materiaal over de wreef lopen dat te vergelijken valt met het vezelmateriaal in de zaagbroek.
Gepubliceerd op: 10 januari 2012
Laden ...
Jam en chutneys
Warme en koude dranken
IJsrecepten
Feestrecepten
Seizoensrecepten
Streekgerechten
Bakrecepten
Zelf bouwen
Schikkingen
Handwerken
In de tuin
Zelf wijn maken